Over Sawahasa, een andere Fair Trade inkooporganisatie.

 

Sawahasa stoomt producenten klaar voor de internationale markt Sawahasa werkt het liefst met kleine producentengroepen en stoomt ze klaar voor de internationale markt. Zodat de producenten niet afhankelijk zijn van Sawahasa maar, als ze dat willen, ook kunnen leveren aan andere internationale afnemers. Bij bijna de helft van de 30 producentengroepen waar Sawahasa van afneemt is dat gelukt. Deze leveren inmiddels ook aan andere importeurs in het westen. Een mooie score. 

 

Fair trade importeur Stichting Sawahasa, gevestigd in Tilburg, koopt 90% van zijn producten in Thailand en de rest in India, Palestina en in de toekomst waarschijnlijk ook in Myanmar. Het assortiment is breed en varieert van zilverwerk en kinderkrukjes tot Boeddhabeelden en ander handwerk gemaakt van leer, kokos, acaciahout of zandsteen. Kasper Meulesteen, verantwoordelijk voor onder meer de inkoop, verkoop en logistiek bij Sawahasa, vertelt hoe hij en zijn collega Sjef Leyten te werk gaan in het leggen van contact met nieuwe producenten.

 

Kasper: “We hebben in Thailand iemand in dienst die onder meer de bestellingen opneemt. Als wij naar Thailand gaan dan neemt hij ons mee naar markten waar veel producenten van handwerk samen komen. Daar kijken we rond en maken praatjes. In eerste instantie gaan we puur op ons gevoel af. Met welke mensen voelen we een klik en merken we openheid toe naar het leveren aan de internationale markt? Bij producenten waar we in ons hart een goed gevoel over hebben, vragen we of we een keer langs mogen komen in hun werkplaats. Van uit die ontmoeting kijken we verder naar de mogelijkheden tot samenwerking.” 

 

In 1999 ontstond Sawahasa doordat oprichters Sjef en Herman Leyten een container gevuld met tweedehands kleding naar Kenia stuurde. Om dit kostendekkend te maken was het noodzakelijk dat de mensen in Kenia hier een tegenprestatie tegenover zouden zetten.  Een vrouwengroep die de kledingdistributie leidde, maakte in ruil voor de gemaakte kosten traditionele sieraden. Deze ruilhandel was het begin van Sawahasa. Inmiddels staat de vrouwengroep op eigen benen en levert tegenwoordig aan andere afnemers.  Wel gaf de groep Sawahasa zijn naam. Sawa Hasa is Swahili voor ‘Just perfect’, of ‘precies goed voor iedereen’. Want dat vond de vrouwengroep van de samenwerking met de Nederlandse importeur. 

 

Kasper vertelt verder: “Inmiddels werken we met zo’n 30 producentengroepen die in grootte variëren van één persoon tot 20 à 30 mensen. Elke producent heeft zijn eigen specialiteit en eigen verhaal. Zo is er een groep van 12 weduwen die sieraden maken. Er is een groep bestaand uit 15 mensen die acaciahouten beelden creëren. Een andere producent bestaat alleen uit een moeder en dochter die de leren armbanden maken, onze polystone beelden worden gemaakt door onder andere vluchtelingen uit Myanmar en de rijstmanden worden beschilderd door mensen met HIV. 

 

Qua ontwerp van de producten zoeken we een balans tussen een moderne en etnische uitstraling. Wij geven onze ideeën en input over de producten, maar verwachten ook creativiteit van onze producenten. We hopen door onze samenwerkingen de producenten op zo’n manier te activeren dat ze, als ze dat zelf ook willen, klaargestoomd worden voor de internationale markt. We geven ze een steuntje in de rug en helpen ze een markt te vinden.” 

 

Ook in Nederland denkt Sawahasa aan zijn medemens. Naast twee parttime betaalde krachten (Sjef en Kasper) werkt de stichting met zes vrijwilligers in hun showroom in Tilburg, mensen met een psychiatrische achtergrond die weer willen re-integreren in het werkende leven.  Voor het inpakken van de zogenaamde display-producten wordt, via het project Switsj-Dagbesteding, de hulp ingeroepen van mensen met een beperking.